• Bruine Kikker
    De bruine kikker komt tot in alle uithoeken van Nederland voor. Hij leeft op vochtige plaatsen onder struiken, in weilanden naast sloten, in bossen en heidevelden. Hij gaat vooral 's nachts op jacht en komt alleen in de lente, voor de voortplanting, in het water of op warme dagen en in droge periodes om uitdroging te voorkomen. (bron: www.kikkersite.nl)

    Read more

  • Bastaardkikker
    De bastaardkikker (Rana klepton esculentus) (of middelste groene kikker) is een vruchtbare hybride (kruising poelkikker en meerkikker). Hij is op de rug groen tot bruin van kleur (soms met donkere vlekken) en hij heeft vaak een lichte lengtestreep en een witte meestal grijsgemarmerde buik. Hij wordt tot maximaal 12 cm groot. Hij heeft relatief lange achterpoten. Het belangrijkste kenmerk is de vorm (asymmetrisch) en grootte (40 a 50% van lengte teen) van de graafknobbel. Mannetjes hebben grijze kwaakblazen.

    Read more

  • Poelkikker
    De poelkikker (Rana lessonae) (of kleine groene kikker) is de kleinste van de drie groene kikkers. Hij is op de rug grasgroen tot bruin van kleur (soms met donkere vlekken). En hij heeft vaak een lichte lengtestreep en een witte buik. Hij heeft relatief korte achterpoten. En hij wordt tot maximaal 8 cm groot.. Het belangrijkste kenmerk is de grote harde halfmaanvormige graafknobbel,die symmetrisch is. Mannetjes hebben witte kwaakblazen en krijgen, in de paartijd, een ongevlekte geelgroene kleur met een goudgele iris.

    Read more

  • Meerkikker
    De meerkikker (Rana ridibunda) (of grote groene kikker) is de grootste van de drie groene kikkers. Hij is vaak maar gedeeltelijk groen op de rug (met donkere vlekken). En hij heeft een witte, altijd zwart of grijsgevlekte buik. Hij kan tot maximaal 15 cm groot worden. En hij heeft relatief lange achterpoten. De ogen staan dicht bij elkaar bovenop de kop. Het belangrijkste kenmerk is de vorm (asymmetrisch en laag) en grootte (klein 25 a 40% van lengte teen) van de graafknobbel. Mannetjes hebben donkergrijze kwaakblazen.

    Meerkikkers komen voornamelijk voor in het westen en noorden van Nederland. Het is een zon- en warmteminnende soort met een voorkeur voor onbeschaduwde wateren. De oeverzone moet bij voorkeur goed begroeid zijn. En het water is vaak vrij omvangrijk of maakt deel uit van een groter complex van wateren. De meerkikker prefereert rijk begroeide laaglandwateren met een neutrale of zwak-basische pH in een waterrijke omgeving, zoals bijvoorbeeld polders en rivierdalen.

    Read more

  • Iberische groene kikker
    De Iberische groene kikker (Pelophylax perezi) leeft op het Iberisch schiereiland, zoals de naam als suggereert en is ook bekend als Perez' frog. De wetenschappelijke naam was rana perezi, maar die wordt nog steeds veel gebruikt.

    Read more

  • Heikikker
    De heikikker (Rana arvalis) is een middelgrote kikker met een iets spitse snuit. De kleur is erg variabel van geelbruin tot rood/groenbruin op de rug met vaak een lichte lengtestreep over de rug heen. Ook heeft hij een patroon van donkere vlekken op de flanken en een lichte buik. En hij bezit een relatief grote graafknobbel op de achterpoot (ongeveer halve teenlengte). In de paartijd (eind februari, tot uiterlijk begin april met een piek in kooractiviteit in maart) kleuren mannetjes licht- tot fel blauw. Deze kleur is maar enkele dagen aanwezig. Heikikkers kunnen 8 cm groot worden. (Bron: Ravon)

    Read more

    0
    0
    0
    s2smodern

    ↑ Top

    © Radenborg Natuurfotografie 2022

    Real time web analytics, Heat map tracking